DONGEN OPTIMAAL

DONGEN OPTIMAAL

DONGEN OPTIMAAL

Er gebeurt nog al wat in ons dorp Dongen.Vanaf het begin van ons bestaan hebben we een pagina met nieuws uit en van een bepaald jaar.Zie daarvoor onze hoofdpagina.Ook in deze bijlage hebben we nieuws dat het bewaren meer dan waard is.

DongenOptimaal is er om niets te vergeten wat voor ons dorp belangrijk is en was.

Terug naar de krant :

www.dongenhomespot.nl

DOL OP DE DAGLELIE !

MIJN TUINGeplaatst door internetkrant di, juni 04, 2019 11:03:56

DOL OP DE DAGLELIE !



Het is een snikhete dag - al is het nog maar eind mei. In Irma’s tuin, die is ingericht met kleurige, rechthoekige plantbedden, bloeien de sieruien, akeleien en geraniums volop. De hemerocallissen zijn nog niet zo ver, die openen vanaf juni hun bloemen. Het merendeel staat trouwens in Irma’s volkstuin, op nauwelijks tien autominuten van haar huis. “Daar ben ik elke dag minimaal twee uur. Heerlijk.” Op de volkstuin groeien de moederplanten, maar er zijn ook twee bedden met Hemerocallis voor de verkoop. “Is iemand geïnteresseerd in een bepaalde soort, dan graaf ik de plant op en deel ik hem. Of ik snijd er gewoon een stuk af terwijl ze nog in de grond staan. Dan moeten er natuurlijk wel wortels aanzitten, anders heb je er niets aan.”

Bijenkasten

Het verhaal van Irma en haar hemerocallissen begint zo’n tien jaar geleden, als ze bij Groei & Bloei-afdeling Breda een lezing bijwoont. Of nee, misschien nog wel eerder. “Het zaadje lag er al”, zegt ze. “Tuinen en planten speelden altijd al een rol in mijn leven. Bij mijn huis in Rijswijk, waar ik woonde toen ik nog bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken werkte, stonden drie bijenkasten op het balkon en nog eens zes bij een tuinder. Ook toen tuinierde ik al, was lid van Groei & Bloei, alleen de hemerocallissen waren nog niet in beeld. Na mijn pensionering verhuisden we naar het zuiden van het land, naar Oosterhout. Daar was het leuker, vonden we. Bovendien kregen we een huis met een grote tuin. Nee, de bijen verhuisden niet mee. Op een gegeven moment werd het imkeren letterlijk en figuurlijk te zwaar. Een bijenkast die vol honing én vol bijen zit, weegt zo’n 40 kilo. Door die verhuizing werd ik lid van de afdeling Breda van Groei & Bloei. En daar zat ik in zó’n leuke plantenvermeerderingsclub.


We deden van alles, leerden hoe je zaait, hoe je wortelstek maakt. We nodigden ook deskundigen uit. Dat organiseerden we dan zelf. Vooral enten vond ik leuk, ik heb aardig wat fruitbomen geënt. In zaaien had ik minder lol. Eerlijk gezegd vind ik dat verschrikkelijk. Dat verspenen! Gelukkig heeft de Hemerocallis grote zaden. Op een keer was er ’s avonds een lezing over Hemerocallis. Groei & Bloei had kweker Willem Willemsen uit Veenendaal uitgenodigd. Hij leeft helaas niet meer, maar wat kon dié man enthousiast vertellen.” De vonk sloeg over. “Dan kom je thuis en dan tik je op Google ‘hemerocallis’ in en zie je de mooiste soorten voorbij komen.” Wat volgde was een zoektocht naar kennis en mooie hemerocallissen. “Mijn eerste planten bestelde ik bij het kwekersechtpaar Tamberg, zij hebben een beroemde Hemerocallis-kwekerij in Berlijn. ‘Natuurlijk moet je zelf gaan kweken!’ reageerde meneer Tamberg toen ik zei dat ik mezelf daarvoor te oud vond. Hij was het die me overtuigde.”

Oersterk

Hemerocallis is een vaste plant met grasachtig blad en lelieachtige bloemen. Kenmerkend is dat ze maar één dag open zijn, vandaar hun Nederlandse naam daglelie. “Maar vergis je niet”, zegt Irma. “Als zo’n plant twintig stengels heeft en op elke stengel zitten vijf knoppen … Dat is gigantisch. Alles bij elkaar kunnen ze zes weken bloeien. Sommige hebben nog een herbloei in september en gaan door tot in oktober.” Hemerocallissen houden van zon, maar halfschaduw is ook prima, is Irma’s ervaring. In haar vorige tuin - ze is inmiddels opnieuw verhuisd - groeiden ze onder de bomen. “Ze zijn oersterk. Je kunt een plant aan het eind van het seizoen uit de grond halen en de hele winter in je tuin laten liggen. Daarna doet ie het gewoon weer.”

Je hoort weleens dat je een hemerocallis om de drie jaar moet scheuren om ervoor te zorgen dat ze blijven bloeien, maar die ervaring heeft Irma niet. “Ze kunnen ook goed tegen droogte. Watergeven doe ik niet, dat gaat niet in mijn volkstuin. Het zijn echt ideale planten voor mensen die niet willen sproeien.” Gevraagd naar geschikte combinatieplanten noemt Irma grassen. “Daar passen ze heel goed bij. Ze gaan ook uitstekend samen met bollen. Het blad van Hemerocallis camoufleert het afstervende bollenloof heel goed.”

Bloemvormen


Irma’s passie voor Hemerocallis opende de deur naar een buitengewone wereld. “Wist je dat er zo’n 80.000 cultivars zijn en dat er soms enorme prijzen voor worden betaald? Vooral in Amerika heb je hele bijzondere - ook hele lelijke trouwens.” Ze haalt Daylilies tevoorschijn, het tijdschrift van de American Hemerocallis Society (AHS), waarvan ze lid is. Het staat vol foto’s van prachtig getekende bloemen. “Er wordt onderscheid gemaakt tussen de verschillende bloemvormen. Zo heb je bijvoorbeeld Ufo’s - dat is een afkorting van Unusual Form - en Spiders. Zie je die bloemen met tanden? Een van de criteria die de waarde van een nieuwe cultivar bepalen is of hij tanden (witte ‘rafels’ langs de bloembladen, red.) heeft.” Bij het veredelen van Hemerocallis moet je wel een plan hebben, vervolgt ze. “Je kunt niet zomaar lukraak iets doen. Ik ben gericht op zoek naar planten met donkere bloemen en opvallende tanden.”

Stamper en stuifmeel

Nieuwe planten maken, hoe gaat dat in z’n werk? “Bij de American Hemercocallis Society bestel ik wel eens zaden, maar ik oogst ook zaden van mijn eigen moederplanten. In het algemeen oriënteer ik me overigens liever op Duitsland dan op Amerika. De Duitsers zijn meer gefocust op stevigheid en het Duitse klimaat komt ook meer overeen met dat van ons. Kijk, als je zelf gaat veredelen, dan moet je zaaien. Het is net als het maken van baby’tjes: het stuifmeel van de ene plant zet je op de stamper van de andere. Vervolgens moet je die stamper beschermen, zodat een of ander beestje er niet nog een keer ander stuifmeel op kan brengen. En dan wachten tot er zaad is gevormd. Dat oogsten en zaaien en dan weer wachten en kijken of het een leuke plant wordt. Dan ben je al gauw drie jaar verder. Is hij hoog genoeg? Komen de bloemen er bovenuit? Maakt-ie meerdere knoppen? Als ik tevreden ben over mijn nieuwe Hemerocallis, meld ik hem aan bij de American Hemerocallis Society.”

Reuzen en dwergen


Irma’s eigen hemerocallissen staan op haar website (irmashemerocallis.nl), samen met al bestaande soorten. In totaal zijn het er zo’n 220. Wat haar betreft zou er in iedere tuin een plekje kunnen worden ingeruimd voor deze probleemloze planten. “De variatie is zó groot. Er zijn hemerocallissen die bijna 2 meter worden en kleintjes van 30 centimeter hoog.” Er is één ding waar je een beetje op moet letten, besluit Irma haar verhaal. “Soms, vooral in het voorjaar, zijn de bloemknoppen opgezwollen. Dit wordt veroorzaakt door een galmug, die eitjes in de knoppen legt. Die moet je eruit breken. Niet denken: help dan heb ik straks geen bloemen, want dat valt wel mee. Gooi ze niet op de composthoop, maar snijd de knop door en leg hem in een bakje met water en een beetje afwasmiddel.”

Het originele artikel door een klik of tik :

Met vriendelijke toestemming van :

Tekst Fransje van Dorp
Beeld Sandra Verkic

GROEI&BLOEI–JUNI–2019











  • Reacties(0)

Fill in only if you are not real





De volgende XHTML tags zijn toegestaan: <b>, <br/>, <em>, <i>, <strong>, <u>. CSS styles en Javascript zijn niet toegestaan.