LIA VAN GOOL

LIA VAN GOOL

COLUMN VAN LIA VAN GOOL

Zij neemt de lezer mee in haar wereld van werkelijkheid en menselijkheid. Zij zal het zijn die de lezer een stuk vitamine voor het hart geeft en diezelfde lezer een blik gunt in het Dongense zoals Lia dat ziet. Gevarieerd en soms scherp ,maar altijd vanuit een positieve blik op de wereld van ons allen.

De redactie van deze krant wenst de lezer hierbij veel genoegen en leesplezier

Dag Tonny…..

REALITEITPosted by Lia van Gool Wed, December 06, 2017 21:09:01

Dag Tonny…..

‘Is er nog nieuws?’ Met die vraag belde Tonny vaak. Zomaar, even een praatje maken. En het antwoord was regelmatig ‘nee’, omdat ik gewoon geen nieuws had.

De laatste zondag van november 2017 kwam die vraag niet van Tonny. Toen stonden er twee mensen aan de deur, die ik niet verwacht had, maar die nieuws kwamen bréngen. Vreselijk nieuws…… Ik heb gegild, gehuild, maar het verschrikkelijke nieuws werd er niet minder om: Tonny had haar sprong voor de trein niet overleefd. Toen werd ik boos op haar, echt héél erg boos. Hoe vaak had zij niet verteld, dat zij vertraging had gehad, omdat er iemand voor de trein was gesprongen. Daar was zij dan weer boos over, omdat zij dan een paar uur later thuis was. En nu had zij het zelf gedaan. Ongelooflijk en onvoorstelbaar. Maar, aan de andere kant: wat een lef heeft die vriendin van mij gehad, om zomaar te springen. En, voor zover je iets positiefs aan het geheel kunt zien: gelukkig is zij op zondagochtend om kwart over acht gesprongen: toen zaten er gelukkig nog niet zoveel mensen in de trein. Maar het trieste blijft en ook blijft de vraag: WAAROM?????





Deze column is een ode aan Tonny, of misschien ook niet helemaal. Net als het verhaal dat ik voorgelezen heb tijdens de uitvaartdienst in de Laurentiuskerk op 2 december 2017, is het een soort warboel van herinneringen die naar boven zijn komen drijven.

We hebben heel wat meegemaakt met Tonny. Het grappige is, dat Hans haar eerder kende dan mij. Een aantal jaren geleden was Hans jurylid bij het wielrennen. Hij kwam dan ook regelmatig naar Dongen voor wedstrijden. En daar kwam hij Tonny tegen in De Posthoorn, die toen nog bestond. Daar heeft Hans haar wel eens gered van een lawine broodjes die naar haar toegegooid werden…..Tonny heeft dat verhaal nog vaak tegen Hans verteld. Wielrennen was wel één van haar grote liefdes. Zij heeft een tijd gehad dat zij elk weekeinde naar een wielerwedstrijd ging kijken. En wat vond zij het geweldig toen ik een keer samen met haar naar de Draai van de Kaai ging en dat wij toen een stuk van het parcours mee konden rijden in een jurywagen, omdat Hans toen jurylid was.

Van Gend & Loos was Tonny haar grote liefde. Zij werkte daar vanaf haar zestiende, in het begin in een loods aan de Spoorlaan in Tilburg. Wat had zij het daar naar haar zin. Uiteindelijk werd ‘Van Gend’ DHL en Tonny verhuisde met haar werk naar Roosendaal en vervolgens naar Arnhem. Elke dag ging zij met de trein op en neer. ‘Ik moet morgen vroeg op’, was dan ook een gevleugelde uitdrukking, voordat Tonny naar huis ging. Zij stond ook elke dag tussen halfvijf en vijf uur op om naar haar werk te reizen. Wat heb ik daar altijd bewondering voor gehad. En wat was Tonny boos, als zij vertraging had, omdat er weer eens ‘een aanrijding met een persoon’ was. Ironisch dat Tonny ervoor heeft gekozen om net dát te doen, waar zij zelf een hekel aan had als andere mensen het deden…....

Dat ‘Van Gend’ in haar bloed zat, kon je niet ontkennen. Dat bleek ook wel toen zij een reünie ging organiseren. Het was geweldig! Bijzonder was dat Tonny haar vijftigjarig jubileum zou kunnen vieren bij één werkgever. Daar keek zij naar uit. Helaas is dat niet meer gelukt.

Soms hadden we ook een tijd dat we Tonny niet zagen. Dan leek het alsof ze ons had ingeruild tegen andere vrienden en soms voelde dat ook zo. Maar Tonny kwam, gelukkig, altijd terug. Veelal op zondagmiddag, zo tegen een uur of vijf. Als wij dan de bel hoorden, zeiden wij al tegen elkaar ‘Dat is Tonny’. Zij kwam dan ‘gewoon even buurten’, deed haar jas uit als ze al op de bank zat, die bleef dan achter haar liggen. Vaak hield zij haar tas ook nog op haar schoot. Wij moesten daar soms best wel om lachen. Als zij kwam, hoefde zij vooral niet mee te eten, want zij had al gegeten, zei ze altijd. Als wij dan toch een bord voor haar neerzetten, at zij alles wat geserveerd werd op. En zij genoot er vreselijk van!

Zij genoot ook van onze Labrador Iwan. Hij daagde haar altijd uit als Tonny bij ons kwam. Als zij binnenkwam, zei ze steevast: ‘Ha Boris’. Iwan keek dan alsof hij water zag branden, voor zover honden dat kunnen. Maar gek was die begroeting niet, gezien het feit dat wij drie honden hebben gehad die wél Boris heetten. De laatste weken van haar leven was Tonny vaak bij ons. Iwan daagde haar in die tijd niet meer uit. Hij ging lekker met zijn hoofd op Tonny d’r voeten liggen en hij vond het geweldig als Tonny, hij en ik ’s avonds nog een rondje gingen lopen.

Tonny was een familiemens. Zij vond familie heel erg belangrijk, en dat kwam ook, omdat zij zelf enig kind was. Als er iemand jarig was in de familie Nooijens of de familie Quirijnen, was Tonny van de partij. Ook ging zij met veel plezier naar de etentjes die haar familie met Kerst organiseerde. En zij heeft jarenlang heel veel aandacht besteed aan ‘tante An’, zoals zij het altijd zei. Boodschappen doen, wassen, op bezoek in De Volckaert, bijna elk weekeinde propte Tonny dat soort zaken in haar toch al drukke dagen.

Tonny kon heel erg genieten van een glaasje bier of een rood wijntje. Van de zomer, toen zij bij ons was, heb ik nog een foto gemaakt van Tonny met een flesje wijn en een glas in haar hand. Deze foto staat bij dit verhaal. Omdat wij zo gelachen hebben toen ik deze foto maakte en op Facebook zette.

Ook genoot zij ervan als zij bezoek kreeg, zoals ook deze zomer, toen Petra, Jean-Marie, Mia, Hans en ik bij haar op bezoek kwamen. Wij hebben genoten die middag. Daarover schreef ik al eerder de column ‘De ballen van Hans en de doos van Tonny’. Met plezier kijk ik op die middag terug.

Aardig gevonden worden, dat is ook iets wat Tonny graag wilde. Zij was lid van heel veel organisaties, zoals de Stichting Wielerbelang Dongen, EHBO, Rode Kruis, Dongen Durft, Werkgroep AED, Gezelligheidskoor Dongens Levenslied, Kerst Inn, FNV en misschien nog wel meer. Zij vond het belangrijk dat iedereen haar aardig vond. Organiseerde daarom ook graag allerlei zaken. Het laatste evenement dat zij mee organiseerde was de burendag in De Vennen, in september dit jaar. Wat een mooie dag had moeten worden (en het in eerste instantie ook was), werd voor Tonny later een nachtmerrie. Zij kreeg tinnitus. Volgens haar was dat te wijten aan de harde muziek op de burendag. Dat dit niet zo was, kregen wij niet uit Tonny haar hoofd gepraat. Ook hielp het niet dat specialist en huisarts haar vertelden, dat de tinnitus daar niet door gekomen was. Een andere nachtmerrie was de MRI-scan, die gemaakt werd om te kijken of er geen beschadigingen aan haar oren waren. ‘RMI-scan’, zei ze als ze belde. En ik verbeterde haar een aantal keren, totdat ik vond dat het geen zin meer had. Door die scan zou haar geheugen verminderd zijn, want dat had zij op internet gelezen. Zij vertelde op een gegeven moment dat zij niet zo goed meer kon lopen. Daar heb ik niets van gemerkt tijdens de wandelingen met onze Iwan. Dat bepaalde zaken niet kwamen door de klachten die zij de laatste tijd had, kreeg je niet uit haar hoofd gepraat. Want, zo was Tonny nu eenmaal: als zij vond dat het zo was, wás het ook zo. Zij deed ook graag haar eigen zin. Zei vaak ja en deed nee. Dat is niet vervelend bedoeld. Heel veel mensen die haar gekend hebben, herkennen dit ongetwijfeld.

De laatste weken van Tonny’s leven was zij vaak bij ons en zij mailde en belde regelmatig. Op een mail die ik naar haar stuurde, kreeg ik als antwoord: ‘Dank je wel. Heb ik nodig. Ik ben best nerveus, maar volgens de bedrijfsarts is dat mijn aard. Ik heb hem uitgelegd omdat dat komt omdat ik geen broers en zussen heb, maar wel heel vele goede vrienden als jij en Hans bij wie ik terecht kan

Dat vond hij heel fijn voor mij….’ Toen ik deze mail nog eens las, bedacht ik ineens dat Tonny af en toe heel eenzaam is geweest, ondanks alle mensen die zij kenden en bij wie zij altijd terecht kon.

Een van de laatste keren dat zij bij ons had gegeten, omhelsde zij mij en bedankte zij mij toen ze naar huis ging. Zij had die avond alleen maar bij ons gegeten en wat gedronken, niks bijzonders. Ik vond het bijzonder dat Tonny mij omhelsde, want zij was niet zo van de lichamelijke contacten. Misschien was dat een teken van afscheid? Ik zal het nooit weten.

Vorige week zaterdag hebben wij Tonny begeleid op haar laatste reis. Na de dienst zijn Hans en ik, met nog een paar anderen, achter de rouwwagen aangereden naar de Vennen. Voor het huis van Tonny zijn wij gestopt en uitgestapt. Daar hebben wij een laatste groet aan Tonny gebracht. Wat een mooi moment. Daarna zijn Hans en ik achter de rouwwagen aangereden naar het crematorium in Tilburg. Toen de auto daar voor de deur stopte, zijn wij uitgestapt en hebben Tonny een échte laatste groet gebracht. Zo hebben wij onze belofte aan de moeder van Tonny, dat wij Tonny nooit alleen zouden laten en dat wij voor haar zouden zorgen, tot aan het laatste moment waargemaakt. Wat was dat een bijzonder moment!

En wat geweldig was het, dat er zoveel mensen in de kerk aanwezig waren en daarna tijdens het koffiedrinken in De Viersprong. Zo heeft Tonny een prachtig afscheid gehad. Als zij er zelf bij was geweest, had zij beslist hiervan genoten. Nu hebben wij een glas op haar geheven.

Tot slot: Tonny vertelde dat zij een paar keer ‘de trein voorbij had laten gaan’. Zij bedoelde de trein waarin kansen zaten op een relatie. Steeds was zij net te laat om in te stappen en bleef zij op het perron staan. Afgelopen zondag miste zij de trein niet. Had zij die trein maar gemist……..

Het leven van een bijzonder mens is geëindigd. Tonny was Tonny, uniek en onvervangbaar. Wat zullen wij haar gaan missen. Als op zondagmiddag rond vijf uur de bel gaat, zullen wij nog vaak aan haar denken. Dag Tonny. Wij vergeten je nooit meer!



Lia van Gool



  • Comments(12)//column.dongenhomespot.nl/#post37

Over een Italiaan, twee Belgen en vijf Nederlanders

REALITEITPosted by Lia van Gool Tue, October 24, 2017 21:34:40

Over een Italiaan, twee Belgen en vijf Nederlanders

Daar zaten wij dan. Niet aan de beloofde en gehoopte tweepersoonstafel, nee, aan een tafel met, inclusief onszelf, acht mensen! En niet in het restaurant dat ons beloofd was, maar een ander restaurant. Waar wij zaten? In restaurant Smeralda van cruiseschip de Costa Magica. Omdat het onze tiende cruise was en wij elkaar dit jaar vijfentwintig jaar kenden, had ik vooraf, met de Customer Service van Costa, een tweepersoonstafeltje kunnen regelen voor deze reis. Tenminste, dat dacht ik. Al op de eerste cruisedag, we hadden nog geen centimeter gevaren, werd mijn hoop de grond in geboord door een uiterst chagrijnige Maître D’ van de Costa Magica. Zijne Hoogheid hield Spreekuur en daar kon je je wensen doorgeven. Althans, dat was de bedoeling. Maar de Maître D’ dacht daar anders over. “Tweepersoonstafel, beloofd? Kan niet! Suites hebben voorrang. Tweede zitting? Misschien.” Daar ging ik, met mijn mail van de aardige Costa medewerker, waarin een tweepersoonstafel was beloofd, ongelezen door de Maître D’……


De eerste avond voor het diner zaten wij aan een tafel met een aantal mensen, die wij later nooit meer terug hebben gezien. Gelukkig maar, want wij konden ze ook niet verstaan. De taal die zij spraken leek op Duits, maar dat bleek het niet te zijn. Het waren Zwitsers. De man deed vooral zijn best om zich in ieder geval verstaanbaar te maken. Wij hebben wel gelachen, omdat wij elkaar niet konden verstaan. En toen was de avond gelukkig zo voorbij.

De tweede avond gingen wij, met een briefje dat aan onze wensen was voldaan, dus ook verwachtingsvol, naar het restaurant. Eerst waren wij te vroeg: de tweede zitting was pas om 21.00 uur. Goed, dan maar even wat gaan drinken, geen probleem. Rond de afgesproken tijd terug bij de ingang van het restaurant. En daar stond een rij, niet normaal! Wij keken elkaar aan en dachten ‘hoe laat zullen wij vandaag kunnen eten?’ Het was bijna half 10 toen de deuren eindelijk opengingen. Wij gaven ons kaartje aan de gérant, die ons naar de tafel begeleidde. Helaas, geen tweepersoonstafel, maar een achtpersoonstafel. Pfff….

Gelukkig viel het mee. Wij zaten aan tafel met drie andere Nederlanders, een Italiaan en twee Belgen. En het was best gezellig. De Nederlandse vrouw die het dichtst bij mij zat, bleek getrouwd met de Italiaan. Zij deed iets (of had iets gedaan) in de reclame en hij was anesthesist (geweest). Met een charmant Italiaans accent klonk zijn stem over tafel. Hij kende, na heel veel jaren in ons land, nog steeds niet al onze gewoontes. De andere Nederlandse vrouw bleek, zo hoorden wij een paar dagen later, lerares Spaans en haar man had iets in planten gedaan. Het andere stel was Belgisch. Zij felblond met mooie kleren en prachtige sieraden, hij een beetje grijzig en gewoon gekleed. Hij had de meeste praatjes. Wat zij deden hoorde ik die eerste avond nog niet.

De volgende avond waren wij weer met achten, daarna verdween het Nederlands-Italiaanse stel van onze tafel. Wij kwamen hen nog wel regelmatig tegen aan boord of als wij ergens aan land waren. Dan maakten wij weer een praatje. Grappig was het, als wij aan boord waren en wij zagen de twee een plaatsje zoeken aan het zwembad (het was nog prachtig weer). Wij hoorden de Italiaan overal praten, met zijn charmante accent. Het paar struinde het hele dek af, op zoek naar het ideale plekje, dat later toch maar niet gevonden kon worden. Of wij zaten ineens ’s middags tijdens de lunch bij hen aan tafel, in het zelfbedieningsrestaurant. Of nee, zij maakten plaats voor ons, want zij hadden al gegeten toen zij ons zagen lopen. Gelukkig, zij gingen weg en wij konden zitten, want het was gigantisch druk die dag, omdat wij de hele dag op zee waren.

De dagen verstreken, wij hebben geweldig mooie dingen gezien, excursies gemaakt en genoten. ’s Avonds gingen wij weer naar onze uitgedunde restauranttafel. De Belg vermaakte ons met zijn verhalen. Hij werkte bij de douane op een vliegveld en vertelde daar de meest wilde verhalen over. Ook kwam aan bod dat hij eigenlijk niet zo van leraressen hield en vooral niet van Spaanse leraressen. Onze tafelgenote grinnikte zachtjes. In eerste instantie vertelde zij niet, dat zij Spaanse les gaf. De Belg ‘verschoot’ toen hij het hoorde, maar kon er gelukkig wel om lachen. De Belgische dame bleek een frituur te hebben. Elke dag om vijf uur opende zij de deuren van de frituur om tot ’s avonds frieten te bakken voor haar klanten. En dat deed zij al jarenlang. Op een dag vierden de Belgen hun trouwdag. Zij deden dat in het specialiteitenrestaurant, met kreeft. Ook onze overgebleven Nederlandse tafelgenoten waren die dag niet aanwezig. En daar zaten wij dan, met z’n tweeën, dat dan weer wel, maar dan wel aan een grote, ongezellige achtpersoonstafel. Jammer. De volgende avond besloten wij zelf niet in het restaurant te gaan eten, maar naar de pizzeria aan boord te gaan. Dat was een verademing: de rust alleen al. Geweldig! Voor een pizza en een nagerecht moest je wel bijbetalen, maar de kosten waren te verwaarlozen, € 8,50 per persoon, voor een pizza naar keuze en een nagerechtje. Het smaakte heerlijk!

Tijdens onze hele reis hadden wij, naast het vaste gezelschap aan tafel, ook een vaste ober. Deze man kwam uit de Filippijnen, was 44 jaar en had vier kinderen. Zijn oudste zoon was zeventien jaar. Elk jaar had hij drie maanden vrij om naar huis te gaan. Die tijd had hij hard nodig, vertelde hij, om allerlei (administratieve) zaken te regelen in zijn thuisland. Hij vertelde ook over het overlijden van zijn ouders en werd tijdens dat verhaal zelf een beetje emotioneel. Maar, zoals het gaat voor de medewerkers aan boord van een cruiseschip, het werk gaat voor. En hup, daar ging onze ober weer, met een glimlach, aan het werk voor zijn gasten.

Opvallend tijdens een reis met een Costa-schip, is het amusement tijdens de diners. Je hoeft je niet te verbazen als je plotseling harde muziek hoort, als het licht extra hard gaat branden en als een aantal medewerkers van het restaurant plotseling gaat dansen. Ook is het heel normaal dat je, tijdens de gala-avond en het galadiner, met je servet gaat zwaaien. Op die gala-avonden wordt trouwens het personeel uit de keuken en het restaurant aan je voorgesteld. Zij maken, in een soort optocht, een rondje door het restaurant. Echt geweldig, eigenlijk!

De dagen verstreken, evenals onze avonden in het restaurant. Op een gegeven moment hebben wij zo lang zitten praten, dat de grote lichten aangingen en het personeel ons bijna wegkeek. Beschaamd keken wij op onze horloge, het was bijna elf uur ’s avonds. Dus het werd wel tijd om op te stappen. Wij hadden het, met ons zessen, echter zo gezellig, dat wij geen idee hadden dat het al zo laat was. De ‘plantenboer’ bleek een geweldige humor te hebben, op een speciale manier. De ‘Spaanse lerares’ straalde als zij vertelde over haar kinderen en kleinkinderen, de ‘Belg’ amuseerde ons allemaal met zijn verhalen, de ‘frietbakster’ verbaasde elke avond weer met andere sieraden. En wij? Wij hebben genoten. Meestal houden wij niet zo van gezelschap aan tafel tijdens onze diners op een cruiseschip. Dit jaar was het gezelschap echter heel gezellig en wij hebben ons goed vermaakt.

(Voor degenen die zich in dit verhaal herkennen: ik heb geprobeerd om mijn ervaringen zo neutraal mogelijk te vertellen, zonder iemand daarbij te willen kwetsen; naar mijn mening is dat dan ook niet gebeurd).


Lia van Gool



  • Comments(0)//column.dongenhomespot.nl/#post36

Digitaal

DONGENPosted by Lia van Gool Fri, October 06, 2017 16:26:12

Digitaal

Vorige week was het weer zover: de kinderen uit groep 7 en 8 van de basisscholen werden er weer op uit gestuurd om Kinderpostzegels te verkopen. Wij wonen aan de doorgaande route vanaf de Anspachschool, dus bij ons komt altijd wel een aantal kinderen aan de deur. Toen ik van mijn werk kwam zag ik een meisje bij ons uit de buurt lopen met de welbekende envelop, die kinderen meekrijgen voor de verkoop van zegels en kaarten. Zij zwaaide naar mij en ik dacht ‘zij komt straks vast bij ons aan de deur en dan koop ik iets van haar’. Ons huis was populair bij een groot aantal kinderen. Die heb ik weggestuurd, met de mededeling ‘dat ik op een ander kindje wachtte’. Daar ging de bel weer en ik dacht dat het het buurmeisje was dat ik verwachtte. Maar nee, er stond een jongetje aan de deur. Blond, blauwe ogen en hij had iets vaags bekends. Ik stuurde hem weg met de opmerking dat ik op iemand anders wachtte. Hij mompelde ‘maakt niet uit’ en verdween. Daarna begon ik te twijfelen: kende ik die jongen niet? Woont hij niet bij ons in de buurt?........ Twijfel, twijfel, twijfel, maar ik kwam er niet achter.


Een uurtje later ging de bel weer. En ja hoor, daar was ze! Het meisje waar ik de hele middag al op zat te wachten. Zij kwam binnen, haalde Iwan even aan en ging aan tafel zitten. Eerst even kijken naar de envelop, waar alle afbeeldingen van de kaarten op staan, al jaren. Volgens mij was het al zo toen ík nog op de lagere school (nu basisschool) zat! En dat is toch echt al een hele tijd geleden. Ik maakte een keuze en buurmeisje vulde heel nauwkeurig het formuliertje in. Een formulier in drievoud, voor de administratie. Eén exemplaar van dat formuliertje mocht ik houden! Tijdens het gesprek met mijn buurmeisje, besefte ik plotseling wie het jongetje was dat ik weggestuurd had: het broertje van het meisje dat nu bij mij aan tafel zat! Ik vroeg het haar en zei vertelde dat het inderdaad haar broertje was, die tegen haar gezegd had dat ik ‘alleen maar van haar postzegels wilde kopen’. O, hoe heb ik dat nu kunnen doen, dacht ik. Wat vervelend. Tegen buurtmeisje gezegd dat zij haar broertje nog langs mocht sturen. Ik zou dan ook van hem nog wat kopen. En, met de nodige snoepjes (ook voor haar broertje en vriendinnetje) verdween het buurmeisje. Dat zij de boodschap aan haar broertje had doorgegeven, bleek een half uurtje later, toen de jongen aan de deur stond. Ik heb maar even mijn excuses gemaakt, gezegd dat ik hem niet meer herkende (vroeger had de jongen blond krullend haar, een beetje lang, nu had hij een mooi jongenskapsel [of mag ik dat niet meer zeggen met de discussie over gender-neutraalheid?). Excuses aanvaard, gelukkig.

In tegenstelling tot zijn zusje, had de buurjongen een tablet bij zich. Alsof het de normaalste zaak van de wereld was (en dat was het voor hem waarschijnlijk ook), vulde hij digitaal het formulier in. Een fluitje van een cent en eigenlijk ging dat nog sneller dan het met de hand invullen van het drievoudige formuliertje. Toen de buurjongen naar huis ging, vroeg ik hem of hij de tablet van school had meegekregen? Nee hoor, kwam het antwoord, die is van mijzelf. Wij konden op school kiezen wat wij wilden. Mijn zusje wilde graag de formuliertjes invullen met de hand. Ik schrijf niet zo mooi, dus ik vond dit fijner. Ook wilde mijn zusje graag de ruimte op haar tablet gebruiken voor spelletjes.

Ik was verbaasd. Zelfs de verkoop van de oude vertrouwde Kinderpostzegels gaat voortaan digitaal. Ik word oud……een half uurtje nadat de buurjongen bij mij weg was, had ik al een bevestiging per mail van mijn bestelling. Welkom in de digitale wereld!

Diezelfde avond was ik op een verjaardag. Een oom van mij werd 70 jaar en dat moest gevierd worden, natuurlijk. Ook daar weer een voorbeeld van digitalisering, of hoe je dat dan ook wil noemen. De gemiddelde leeftijd van de visite lag echt wel boven de 60, misschien zelfs een beetje hoger (!). Op een gegeven moment dacht ik, wat zie ik toch allemaal flitsen om me heen, ik hoorde geluiden die niet in de gesprekken paste. Wat denk je? Daar zaten al die ‘oude mensen’, met hun mobiele telefoon. In plaats van ouderwetse mapjes met daarin foto’s van hun kleinkinderen, lieten zij nu die foto’s zien op hun mobieltje en soms waren er ook filmpjes te zien.

Soms denk ik dat, als mijn ouders nog geleefd zouden hebben (of, als dat zou kunnen, zij eens even terugkwamen naar deze wereld) zij de wereld niet meer zouden herkennen. Digitaal Kinderpostzegels verkopen, foto’s op een mobiele telefoon!

Lia van Gool





  • Comments(0)//column.dongenhomespot.nl/#post35

Genieten van het leven!

REALITEITPosted by Lia van Gool Thu, September 21, 2017 19:27:39

Genieten van het leven!

En dan is het ineens zover! De dag dat Hans en ik elkaar 25 jaar kennen. Voor ons een echte mijlpaal, die we samen op een bescheiden manier gevierd hebben. Als je zo terugkijkt, wat gebeurt er dan veel in 25 jaar! Leuke dingen, maar ook minder leuke dingen. Daarover later meer. Ik begin bij het begin.

Het was zondag 16 augustus 1992 in Dongen. Een mooie, zonnige dag. Op deze dag werd de Ronde van Dongen verreden, in het centrum van Dongen. Speciaal voor deze dag had ik een kleurige rok met een zwart shirtje en een zwart vest met gekleurde randen aangetrokken. Ik weet het nog als de dag van gisteren! Het was een vreemde dag, op allerlei fronten, toen ik uiteindelijk mijn vriendin vond, die op die dag EHBO’er was. Samen liepen wij de naar finish, tegenover Staadegaard, toen nog in de Gerardus Majellastraat. Wij stonden tegenover de jurybus. Het deed me allemaal niet zoveel, die drukdoende mannen, die deden alsof zij met heel interessante dingen bezig waren. Dat juist één van díe mannen mijn huidige echtgenoot is, daar had ik totaal geen benul van. Na zijn drukke werkzaamheden, ging hij, met zijn collega-juryleden, naar Aurora. Hij vroeg of mijn vriendin en ik meegingen. En ik dacht dat hij een oogje had op mijn vriendin. Zij hadden elkaar al eerder ontmoet, bleek al snel. Oké, daar zaten we dan op een barkruk bij Aurora. De jury kreeg te eten, wij natuurlijk niet. Het duurde naar mijn gevoel eeuwen voordat Hans weer terugkwam. We hebben wat gedronken, zijn bij Alanya nog wat gaan eten (vriendin en ik) en gingen daarna op zoek naar mijn auto. Boven op het dak van de natgeregende auto schreef ik op een papiertje mijn telefoonnummer. Want Hans had geen oogje op mijn vriendin, maar hij wilde contact met mij blijven houden. En zo gebeurde.

Onze eerste afspraak was op een zomeravond bij De Efteling en daarna dronken wij wat in d’Ouwe Sok. Grappig was dat daar, op die avond, één van degenen waar wij nu dicht bij in de buurt wonen, van dronkenschap over de vloer kroop. Geweldig om daar nu aan terug te denken.

Ik ga echt geen verslag in detail schrijven van de 25 jaar die onze relatie duurt, dat wil echt niemand lezen! Misschien wil ook niemand deze column lezen, maar dat neem ik wel voor lief.

Na drie jaar zijn wij samen gaan wonen, in het huis waar wij nu nog steeds wonen. Jammer genoeg heeft mijn moeder dit huis niet meer gezien, omdat zij overleden is, ongeveer een half jaar nadat Hans en ik elkaar hebben leren kennen. En mijn vader overleed ongeveer een jaar nadat wij in het huis gingen wonen. Hij heeft heel veel werk verricht in het huis en hij kwam ook graag bij ons koffiedrinken of even snel iets eten. En daarna volgde nog meer onheil, het hartinfarct van Hans, de geboorte van onze tweeling-kleindochters, die niet vlekkeloos verliep, de ziekte en het overlijden van mijn zwager……de drie zussen van Hans die in korte tijd allemaal overleden, de ziekte en het overlijden van één van Hans zijn neven…..het onheil bleef op ons pad komen. Gelukkig bleven en blijven wij overeind, ondanks alle pech die met regelmaat op ons af komt. Mensen zijn sterk en veerkrachtig, blijkt elke keer weer. En er zijn, gelukkig, zoveel mooie momenten om van te genieten!

De eerste cruise die wij maakten: een superreis! Onze huwelijksdag, een geweldig leuke dag met veel leuke mensen om ons heen. Het huwelijk van mijn lieve stiefdochter, die trouwde met haar grote (vrouwelijke) liefde: wat een bijzondere gebeurtenis was dat huwelijk! Opvallend is het aantal sieraden dat ik in de loop der jaren verzameld heb. Een uit de hand gelopen hobby? Misschien, maar ik ben er wel erg blij mee. En ik ben steeds opnieuw blij als er weer een bijzonder stuk aan mijn collectie wordt toegevoegd (zie foto).

Wie ik niet mag vergeten, zijn de vrienden die wij in de loop der jaren zijn tegengekomen: sommige mensen verdwenen zachtjes en geleidelijk weer uit ons leven. Anderen bleven en zullen ook blijven. Wat is het fijn om zo’n grote kring mensen om je heen te hebben van mensen die om je geven. Mensen die er voor je zijn als je ze nodig hebt, mensen voor wie wij er kunnen zijn als zíj ons nodig hebben. Er zijn heerlijke avonden geweest, met geweldige feesten, leuke mensen, drankjes, hapjes, eten, alles wat je nodig hebt of nodig denkt te hebben om het leven aangenaam te maken. Sommige dingen vergeet je nooit meer.

Zoals de keer, dat wij elkaar nog niet zo lang kenden en wij lekker uit waren geweest in Tilburg. Thuisgekomen wilde ik de auto niet uit. Het heeft Hans heel wat overredingskracht gekost om mij naar binnen te krijgen. Tot overmaat van ramp deed hij, toen hij de hond had uitgelaten, overal het licht aan, zodat mijn ouders wakker werden. Geen goede start, maar uiteindelijk is het wel goed gekomen!

En dan denk ik weer aan alle onze heerlijke weekenden in Huijbergen met mijn vader. Wat hebben we daar genoten! En de prachtige reis naar Ierland, met mijn vader en ‘father Wezel’. Geweldig!

Of die keer dat Hans net een andere auto had. Weer naar Tilburg. Na een hele gezellige avond, ging vriendin dronken mee naar huis. Bijna bij Charlotte Oord moest zij overgeven. Helaas lukte het niet om de auto tijdig te stoppen. De troep die er toen in de auto lag…..pfff, dat wil je niet weten. Wat wel leuk was: de reactie van vriendin. Zij stond te stampen op de weg, gooide haar tasje in de bosjes, durfde bijna niet naar huis en wilde niet dat iemand het verhaal te horen kreeg. Wat schetst onze verbazing, toen wij op een verjaardag waren en het hele verhaal over haar dronkenschap daar hoorden!

De vakantie in Mallorca, omdat het hier zo’n slecht weer was. Wat denk je? Op Mallorca was het kouder dan het in jaren was geweest. Het hotel waar wij logeerden, werd verbouwd, dus wij rekenden niet op een warme hotelkamer. Gelukkig voor ons logeerden er veel Spanjaarden in het hotel. En als Spanjaarden ergens niet van houden, is het van kou! Toen wij na een uitstapje terugkeerden in het hotel was de verwarming aangesloten. Dat was echt genieten. Dat wij op de laatste dag van onze vakantie niet naar buiten konden, omdat het de héle dag regende, hebben wij uiteindelijk maar voor lief genomen.

Zo kan ik door blijven gaan! Nog twee dingen.

Hans en ik hadden het huis gekocht, waar wij nu nog wonen. Ik had een vergadering, en vertelde dat ik naar huis moest, omdat ik bezig was met verhuizen. Gevraagd werd, waar ik ging wonen. Toen ik dat zei, kreeg ik de reactie: “Maar er komt een Rotterdammer in dat huis wonen!” Ja, met die Rotterdammer ging ik samenwonen. En met die Rotterdammer woon ik nog steeds in hetzelfde huis! Hoewel Hans redelijk is ingeburgerd, blijft hij tóch een Rotterdammer!

Toen Hans nog niet zo lang in Dongen woonde, liepen wij in de Tramstraat. Wij hoorden twee (oudere) dames praten. De ene vertelde tegen de andere dat zij ergens ‘nie nooi gewoond’ had. Hans wist niet wat hij hoorde. Leg dat maar eens uit. Wij liepen verder, door de Tramstraat, over het Looiersplein en Hoge Ham naar huis. Onderwerp van gesprek ‘nie nooi’. Het heeft mij heel wat overredingskracht gekost om uit te leggen dat deze uitdrukking graag betekende!

En zo kabbelt het leven door. Met heel veel leuke dagen en ook heel veel minder leuke dagen. Maar over het algemeen is het leven leuk en goed! Wij genieten van elkaar en van de mensen in onze omgeving. Zo hebben wij pas weer een prachtige reis gemaakt naar de Noorse Fjorden, daarover later meer.

Het moment dat Hans en ik elkaar vijftig jaar kennen, zullen we waarschijnlijk niet samen meer meemaken…..Dat neemt niet weg dat wij blijven genieten, van het leven en van elkaar. Proost!!

Lia van Gool , september 2017

  • Comments(2)//column.dongenhomespot.nl/#post34

Helikopter-mieren, invasieve exoten, mogelijkmaker en andere woorden in de komkommertijd

DONGENPosted by Lia van Gool Sun, July 16, 2017 19:33:06

Helikopter-mieren, invasieve exoten, mogelijkmaker en andere woorden in de komkommertijd

Deze column schrijf ik in de komkommertijd. Voor de zekerheid heb ik even opgezocht wat het eigenlijk betekent, komkommertijd. Nou, als je zoekt op Google, vind je heel wat omschrijvingen. Ik heb voor onderstaande omschrijving gekozen. En omdat het komkommertijd is, heb ik de column deze keer extra lang gemaakt, zodat je in ieder geval nog iets te lezen hebt in deze tijd.




Komkommertijd is een aanduiding voor de rustige zomerperiode, waarin er weinig nieuws en weinig handel is.


Het woord wordt tegenwoordig vooral gebezigd in de media (zoals Dongen Homespot), die er bovendien inhoud aan geven door berichten te brengen die buiten de komkommertijd geen nieuwswaarde zouden hebben. Het komkommerseizoen was voorheen altijd in de zomer – voor de kwekers een drukke tijd, maar in veel andere vakgebieden was er dan juist niets te doen. Omdat die seizoenen samenvielen, werd komkommertijd meer en meer geassocieerd met het gebrek aan nieuws en activiteiten.

Waar het woord komkommertijd precies vandaan komt, is niet helemaal zeker. Volgens sommige bronnen is het een leenvertaling van het Engelse cucumber time, dat vroeger in de zomermaanden door kleermakers werd gebruikt. Maar dat is later vervangen door het inmiddels ook weer verdwenen taylor's holiday, en niemand kent nog het woord cucumber time. Etymologen achten het inmiddels waarschijnlijker dat komkommertijd is gevormd naar voorbeeld van het Duitse Sauregurkenzeit, een woord uit de 18e eeuw. De oudste vindplaats in het Nederlands is (vooralsnog) uit 1787. Vanaf halverwege de negentiende eeuw wordt het woord volop gebruikt; zo had Multatuli het over "in 't hartje van den komkommertyd".


In 1845 werd er in de Vlissingsche courant in een artikel over "Politieke komkommertijd" het volgende over gezegd:


"Komkommertijd is, gelijk uit den aard der zaak volgt, de tijd, waarop deze vrucht wast en rijp wordt; doch dit woord heeft ook eene andere beteekenis, waarbij wij thans een oogenblik willen stilstaan. Men noemt komkommertijd, ook het bepaald, ieder jaar terugkeerend tijdstip, waarin in het een of ander vak van handel, bedrijf of nering minder drukte, minder vertier heerscht, dan gewoonlijk. Bijna iedere handelstak, schier elke betrekking in de maatschappij heeft haren komkommertijd, een tijd, dat deze of gene handelswaren, of voortbrengselen van nijverheid om verschillende redenen minder verbruikt, in minder getale omgezet worden, dan gewoonlijk. (...) Zoo heeft ook de politieke wereld haren komkommertijd; en dit is in ons Vaderland de tijd, waarop de Leden der Staten-Generaal niet zijn vergaderd, en er dus weinig leven in de Staats-brouwerij is."


Als je deze column leest, doe dat dan met bovenstaande omschrijving van komkommertijd in je gedachten. Ik heb er een eigen draai aan gegeven, door woorden te gebruiken, die ik de afgelopen tijd ben tegengekomen en die mij opgevallen zijn. Woorden, die ik in de ‘normale tijd’ misschien niet zou gebruiken (vraag me niet waarom niet?), maar die ik wel vind passen in de komkommertijd.

Het gebeurt zo weleens, dat je op een feestje zit, en dat je een beetje ‘slap aan het ouwehoeren’ bent. Zo gebeurde het bij mij ook. Ik was op een feestje bij een vriendin, op een warme zomeravond. De locatie was landelijk te noemen, het was even zoeken, maar uiteindelijk vonden wij het. Een grote boerderij, midden in de landerijen, maar eigenlijk toch op een steenworp afstand van Dongen. Het feest was, vanwege het warme weer, buiten. Robuuste houten banken en stoelen en even robuuste houten tafels. Op het moment dat wij aankwamen, had al een groot aantal feestgangers de locatie weten te vinden. De kopjes voor de koffie stonden klaar en ook de schoteltjes voor het gebak. Er werd al volop gegeten en gedronken. De jarige vriendin zat te midden van haar gasten, maar zij kwam natuurlijk omhoog toen wij haar kwamen feliciteren. Tegelijkertijd met ons kwamen ook de vrienden ‘helemaal uit België’ aan. Een andere vriendin, die op de fiets was, zat al op ons te wachten. Na de felicitaties zochten wij een plaatsje. Met ons vijven zijn we bij elkaar gaan zitten. Wel even wennen, zitten op zo’n bank. De vriendin uit België liep nogal moeilijk. En natuurlijk, zij had weer wat meegemaakt! Wat blijkt, ’s middags had zij een poging gedaan om een nieuw paspoort te gaan halen. En dat mislukte gruwelijk. Want, op zoek naar mooie mannen (misschien de burgemeester van de stad waar zij was?) struikelde onze Belgische vriendin en viel languit op de kasseien. Helaas met een lelijke blessure aan knie en enkel. De pijn was van haar gezicht af te lezen, maar dat mocht de pret niet drukken.

Op een gegeven moment kwam het gesprek op mieren. Je weet wel, die kleine, ijverige beestjes die vooral in de zomer te zien zijn. Vriendinnen hadden er last van. Bij ons thuis is nog geen mier te vinden geweest. Maar ook in de kranten (komkommertijd of misschien juister: mierentijd) was te lezen dat er overal veel mieren zaten en dat er ook vliegende mieren te zien waren. Van het een kwam het ander. Wij zagen ze op een gegeven moment (en nee, deze keer kwam het niet door de wijn), ‘vliegen’: de mieren dan. Van vliegende mieren kwamen wij op helikopter-mieren. Om daarop meteen maar aan te geven, dat er geen helikopter-mieren bestaan. Ook goed. Voor ons bestonden deze mieren die avond wel. Wij hebben er hartelijk om gelachen, en ik wist meteen dat ik dat woord zou gaan gebruiken in een column. Deze dus. Wat ik grappig vind is, dat ik, zoekend op het wereldwijde web naar de omschrijving ‘helikopter-mieren’, de volgende tekst tegenkwam: ‘Ze waren naar de helikopter gegaan om bij de evacuatie van de passagiers te zijn. De mieren droegen allemaal gele jacks, zodat ze beter zichtbaar waren.’ Geweldig toch! En voor mij het bewijs dat helikopters en mieren toch met elkaar te maken hebben!

Zo kwam ik afgelopen tijd wel meer bijzondere woorden tegen, bijvoorbeeld op televisie in het programma ‘Stadsmormels’. Een prachtig programma., waarin beelden te zien waren van dieren die meestal niet in het normale stadsbeeld te zien zijn, zoals bijvoorbeeld vossen. In één van de afleveringen waren prachtige parkieten te zien. De bioloog, die er verstand van had, vond het echter niet zo mooi dat deze dieren in de stad te zien waren. Hij noemde deze parkieten ‘invasieve exoten’ (betekenis: Invasieve soorten zijn soorten die zich buiten hun oorspronkelijke verspreidingsgebied hebben gevestigd en door hun aanwezigheid of hun snelle uitbreiding een bedreiging vormen van inheemse soorten). Dat neemt niet weg dat de parkieten gewoon prachtig waren om te zien, zo’n zwerm gekleurde vogels in een grijze Nederlandse stad.

Het volgende prachtige woord dat ik tegenkwam, gebruikte mijn tante, een ‘seniorenmomentje’. Tante was ‘even de weg kwijt’ (maar dan letterlijk). Volgens haar gezelschap was dat een ‘seniorenmomentje’ en had het helemaal niets met leeftijd of dementie te maken. Mooi woord, ‘seniorenmomentje’. En te gebruiken in alle gevallen dat je even de weg kwijt bent (al dan niet letterlijk) of als je even niet meer op een woord kan komen.

Vervolgens hoorde ik op televisie een prachtige verbastering van het woord ‘cowboy’. Een verbastering die wij (Brabanders onder ons), waarschijnlijk allemaal weleens gebruikt hebben. Degene die ik hoorde, sprak het woord ‘cowboy’ uit als ‘koiboi’ (geen idee hoe ik dat moet schrijven, maar ik denk dat dit er het meest op lijkt). En wat denk je? Er zijn 22 dialectwoorden voor ‘cowboy’, die gebruikt worden door heel Nederland!!!!

Het laatste prachtige woord dat ik deze week tegenkwam is ‘mogelijkmaker’. En die hebben wij in Dongen. Sinds kort hebben wij in ons prachtige dorp een ‘mogelijkmaker centrum’, die samen met een ‘intern opgave-team’ aan het werk gaat in het centrum. Als je wilt, kun je deze ‘mogelijkmaker’ bellen en komt hij koffiedrinken, zo staat te lezen in het persbericht van de gemeente. Zo gebeurt er toch nog iets nuttigs in deze komkommertijd. Dongen heeft een ‘mogelijkmaker centrum’. En die wilden wij altijd al, toch???

Lia van Gool



  • Comments(2)//column.dongenhomespot.nl/#post33

‘A moment of fame’ (een moment van glorie)

DONGENPosted by Lia van Gool Wed, June 28, 2017 16:15:52

‘A moment of fame’ (een moment van glorie)

Vorige week was het zover. De zomereditie van de Glossy 100% Dongen werd gepresenteerd. Een bijzonder moment. Voor mij was het deze keer bijzonder, omdat ik geïnterviewd ben door ‘die lange mijnheer, de baas van de Glossy’. Het onderwerp was: de boekenkast van. Bij het artikel moest natuurlijk ook een foto. Op een zaterdagmorgen stonden drie mannen voor de deur: de interviewer, de fotograaf en zijn assistent. Ik was helemaal klaar voor het gesprek. De boeken in de boekenkast keurig gerangschikt. Kleding uitgezocht voor de foto, haren in de krul, sieraden aan, noem maar op. Het was een verrassend gesprek, in allerlei opzichten. Mijn antwoorden verbaasden vooral mijzelf: ‘oeps, zeg ik dat echt?’ Maar het was leuk. Toen kwam het moment van de foto. De fotograaf was al eens eerder bij ons thuis geweest en hij wist waar mijn favoriete leesplekje was: de relaxstoel, waar ik helemaal languit lekker weg kan dromen bij mijn boek. Dé plaats voor de foto voor de Glossy. Even had ik mijn bedenkingen: ‘tout’ Dongen zou nu zien hoe lui ik in mijn stoel aan het lezen was. Maar goed, de fotograaf was tevreden. Ik heb op dat moment niet gevraagd hoe de foto eruit zag. Geduldig heb ik gewacht tot het moment van presentatie van de Glossy. En dat was vorige week.

De presentatie was in de Hubertuskerk in Dongen-Vaart. Het gebouw is onttrokken aan de eredienst en is verbouwd tot een prachtig woonhuis van een geweldig echtpaar. Zij zetten de deuren van hun huis gastvrij open voor de presentatie. Ik moet zeggen: het is prachtig geworden. Op een eerder tijdstip dit jaar was ik bij het echtpaar voor een interview. Op die dag liep de aannemer voor het laatst door het pand en werd de laatste hand gelegd aan de speciaal op maat gemaakte (prachtige) keuken. De trap naar het gedeelte boven in de kerk was toen nog niet helemaal klaar. Met mijn hoogtevrees en voeten die niet altijd doen wat ik wil, ben ik toen niet naar boven gegaan. Nu was de bovenverdieping, inclusief trap ernaar toe klaar. Het resultaat is prachtig geworden. De ramen van de kerk zijn in tact gebleven en de lichtinval boven is echt geweldig. Wat een mooi huis!!!

Toen was het moment daar. De baas van de Glossy vroeg aandacht en op het scherm waren de eerste pagina’s van de Glossy te zien. Van de baas van deze internetkrant, had ik al gehoord dat de foto van mij best mooi was. Hij had al stiekem gekeken op internet…. Toch wel een beetje spannend. En ja, eindelijk, daar was ‘mijn pagina’. Ik keek eerst naar de foto, zwart-wit. Best mooi eigenlijk! Toen ik na de presentatie de papieren versie van de Glossy in handen had, heb ik nog eens goed naar de foto gekeken. Oké, ik lig lui te lezen, maar dat is mijn leeshouding. En Iwan, onze mooie blonde Labrador, had speciaal voor de foto een plekje uitgezocht naast de stoel. Normaalgesproken ligt hij áchter de stoel en is hij niet te zien. Deze dag was hij naast de stoel gaan liggen. Misschien omdat er ineens drie vreemde mannen in zijn territorium rondliepen of misschien wilde hij gewoon op de foto. Wie zal het zeggen? Maar het resultaat mag er zijn. Dank je wel, fotograaf!

De dagen nadat de Glossy huis-aan-huis werd bezorgd, heb ik elke dag wel gehoord dat de foto mooi was, dat het stukje leuk was, of, hoe voorspelbaar!, dat ik er lui bij lag! Ja hoor, het klopt allemaal!


Het volgende moment van glorie kwam een paar dagen later, tijdens een avondje uit in een van de culturele accommodaties die Dongen rijk is (of arm). Op die avond werd er een presentatie gegeven van het theaterprogramma van het nieuwe seizoen. Voor de laatste keer ‘theater on tour’, omdat De Cammeleur nog niet klaar is. Leuk, die voorstellingen op verschillende locaties. En leuk ook deze avond. Door deze manier van presenteren kun je een stukje proeven van een groot aantal voorstellingen dat het komende seizoen in Dongen getoond wordt. Als laatste kwam Steven Brunswijk, beter bekend als de ‘Braboneger’. Geweldig hoe deze man, in plat Tilburgs, het aanwezige publiek wist te boeien. Ook de andere artiesten wisten de aandacht van het publiek vast te houden, ook als was het echt héél erg warm in de grote zaal.

Na het einde van de voorstellingen, kwamen de nog aanwezige artiesten de foyer in om te praten met hun publiek. Publiek, dat inmiddels genoot van een heerlijk kaasbuffet, een lekker drankje en een pril meisjes duo dat voor de muzikale omlijsting zorgde.

De Braboneger stond midden in de zaal met (natuurlijk zou ik bijna zeggen) een groot aantal vrouwen om hem heen. En hij stond net op een plaats waar ik langs wilde lopen om naar mijn stoel te gaan. Hij stond dus in de weg! Ik vroeg hem vriendelijk of hij opzij wilde gaan, maar nee: ‘Da kost vijf euro,’ zei de artiest bloedserieus. Waarop ik hem van repliek diende, dat ik net kaartjes voor zijn voorstelling had gekocht en dat ik die aankoop dan maar ging annuleren. Pfff, gelukkig, ik kon mijn weg vervolgen.

Ik zat net lekker in mijn stoel, toen de Braboneger mij met zijn vinger wenkte. Ik schudde alvast maar ‘nee’ met mijn hoofd. Op die gebaartjes zou ik niet ingaan. Hij bleek echter volhardender dan ik en kwam mij halen. Want, hij wilde met mij dansen. En ik houd helemaal niet van dansen…. Excuses dat ik niet kon dansen, dat mijn voeten dat niet wilden enzovoorts….er werd niet naar geluisterd. En zo stond ik daar, op een lege dansvloer, met de Braboneger te dansen! Hans heeft een filmpje gemaakt en een foto: Lia en dansen? Dat zijn twee woorden die helemaal niet bij elkaar passen. Maar ik heb het gedaan. Ik had even mijn moment van glorie. Het tweede moment binnen een paar dagen. Ik heb ervan genoten. En nu? Nu is het weer voorbij, met mijn beide voeten op de grond zit ik achter het beeldscherm deze column te schrijven. Met een glimlach op mijn gezicht, dat wel. Het was eigenlijk best leuk, moet ik zeggen!


Lia van Gool



  • Comments(0)//column.dongenhomespot.nl/#post32

Verrassend!

DONGENPosted by Lia van Gool Thu, June 15, 2017 16:23:56

Verrassend!

Vanaf eerste Pinksterdag zijn er heel wat verrassende dingen gebeurd, tenminste voor mij.............

Op deze eerste Pinksterdag had mijn vriendin (ja, die van de Doos van….) vrienden uit België op bezoek. En wij gingen daar naar toe om kennis te maken met het echtpaar, dan in de Ardennen woont. De vrouw ken ik van Facebook, maar ik had haar nog nooit ontmoet. Tenminste, niet dat ik me kon herinneren. Waarschijnlijk zijn we elkaar vroeger weleens tegengekomen, toen wij allebei nog op de lagere school zaten. Petra, zo heet de ex-Dongense die nu in België woont, vertrok op jonge leeftijd naar de Ardennen, achter de liefde van haar leven, Jean-Marie, aan! Op deze zondagmiddag maakte ik kennis met hun. En dat was een aangename verrassing! Omdat wij elkaar niet echt kenden, want hoe goed ken je iemand op Facebook?, hebben wij die dag echt kennisgemaakt. Het werd, in alle opzichten, een verrassend leuke middag. De gesprekken kabbelden voort, de wijnflessen raakten leeg, de lekkere hapjes verdwenen, net zoals de zon op een gegeven moment, maar toen was het al laat in de middag. Ook een andere vriendin was deze middag gekomen. Wij hebben overal over gesproken en soms hebben wij ook wel geroddeld, denk ik. Gelukkig sprak Jean-Marie goed Nederlands. Of misschien jammer, want anders hadden wij onze kennis van de Franse taal kunnen tonen. Aan het eind van de dag, of liever aan het begin van de avond, vroeg vriendin of zij worstenbroodjes warm moest maken. Helaas, daar hadden wij geen trek meer in. Wij hadden die hele middag al zo genoten van de eigengemaakte paté, de Franse kaasjes en vooral de wijn, dat er geen Dongens worstenbroodje meer bij paste. Om een uur of acht/halfnegen namen wij afscheid van vriendin en van haar Belgische vrienden. Wat een verrassend leuke middag. Zeker voor herhaling vatbaar!

De volgende verrassing kwam op tweede Pinksterdag met Verrassend Dongen. De weergoden waren ons gunstig gezind. En dat terwijl de weersverwachting voor die dag in eerste instantie niet zo mooi was. De zon scheen al vroeg op de Dongense Loswal. En daar, langs de Loswal, in het kanaal, lagen de boten klaar voor de rondvaart op het Wilhelminakanaal. Voor deze rondvaart waren kaartjes beschikbaar die, hoe verrassend, al in tien minuten tijd helemaal uitverkocht waren! Dat is pas LEF hebben! Na de officiële opening door burgemeester en wethouder mocht het gezelschap genodigden, waaronder Hans en ik, de boot in. Pfff, dat was even eng. Maar gelukkig waren er genoeg leden van de jeugdbrandweer om mensen zoals ik een handje te helpen bij het opstappen. De lage sloep, vroeger gebruikt voor het vervoer van groenten, bood ruimte aan genoeg mensen. Wat een bijzondere tocht was dat, zo over het Wilhelminakanaal. En wat zijn de oevers van het kanaal prachtig groen, als je die zo eens van een andere kant kunt bekijken. Super gaaf! En, Piet Eelants: NEE, wij zaten niet als haringen in een tonnetje……, zoals jij in deze krant hebt beweerd!


De tweede Pinksterdag bleef verrassen, zoals op de Dijkjes in ’s Gravenmoer, waar De Bende van De Witte Veer een tijdelijk kamp op had geslagen. Ook onze eigen Dongense grenspalenmaker was aanwezig om uit te leggen hoe hij de grenspalen had gemaakt. De Bende deed een voordracht. Eén van de vrouwen die meespeelde, beweerde dat zij ‘pas twintig was’. Ja hoor, dat zou ze wel willen, denk ik! Bijzonder hier was het speciale bier voor De Bende van De Witte Veer, gebrouwen door Opener, met de speciale naam ‘Heildronk’. Een heerlijk biertje, moet ik zeggen, met een heerlijke frisse afdronk. Zeker de moeite waard om eens te proberen.

En natuurlijk verraste Heuvelpark ook weer: vooral met het grote aantal fietsen dat voor aan de straat geparkeerd stond. Nee hoor, Heuvelpark verrast eigenlijk altijd: de sfeer is er bijzonder, volgens sommige bezoekers een beetje geheimzinnig. Je waant je er in de tijd dat de looierijen in Dongen nog floreerden. Wat een geweldige locatie. En ook bij De Volckaert, Dongedal, waren een aantal verrassende zaken te zien. Maar wat bovenal verraste, die tweede Pinksterdag, was het weer. Wat een geweldig mooie dag was het!

En zo ging de week verder, na Pinksteren. En de verrassingen bleven komen. Zo mag mijn allerliefste stiefdochter in juli meedoen aan de Brabantse Kampioenschappen Paardrijden (als ik niet de juiste naam heb gebruikt, excuses daarvoor). Hans en ik zijn supertrots, dat kan ik wel zeggen. En wij gaan natuurlijk kijken naar het mooie duo D&D.

Op de zaterdag van de week na Pinksteren werd ik geïnterviewd. En dat voelt best vreemd, als je zelf meestal degene bent die de vragen stelt. Nu moest ík vragen beantwoorden. En de antwoorden waren, zelfs voor mij, soms best verrassend!

Die zaterdagavond zijn wij naar een optreden van Bender geweest in ’t Schouw. Jammer genoeg in ’t Schouw, want dit optreden stond gepland in de buitenlucht op Heuvelpark. Maar omdat de weersvoorspellingen slecht waren, is de voorstelling naar binnen verplaatst. Wat een super-optreden en wat een verrassing. Wij kenden Bender niet en hadden gekozen voor het nieuwe en de prachtige locatie. Daar hebben wij zeker geen spijt van. Wij luisteren naar het ene prachtige Nederlandstalige lied na het andere en genoten van de vierkoppige band. Na het optreden namen de bandleden ruim de tijd voor de bezoekers, om CD’s te signeren en praatjes te maken. Wij hopen dat Bender, ondanks het feit dat het programma voor volgend jaar al vastligt, toch op mag komen treden van Donckhuys, en dan wel in het Heuvelpark.

De laatste verrassing in de reeks, was het verjaardagsfeest van mijn oom Mari, die tachtig jaar werd. In onze familie is het een traditie dat er, als iemand een bijzondere verjaardag viert, een voordracht wordt gedaan of een lied wordt gezongen. Helaas was de tijd te kort om speciaal voor deze oom nog een voordracht te maken. Maar, een tante en ik, hebben een liedje uitgezocht en dat hebben wij tijdens het feestje gezongen. Dat het niet helemaal zuiver klonk, maakte niet uit, want ik zag ome Mari genieten en daar ging het tenslotte om. Na ons optreden zijn wij verder gegaan met zingen. Een aantal familieleden zong met luide stem mee. Wij zongen het ene Nederlandstalige liedje na het andere (maar het klonk natuurlijk niet zo mooi als de nummers van Bender). En wij hadden plezier! Echt geweldig om samen met je familie zo te kunnen zingen. Oubollig? Nee zeker niet, wij zijn gewoon doorgegaan met de familietraditie, zoals het hoort. En de jarige? Die vond het weer ouderwets gezellig. Hij straalde toen wij weggingen. Dit feest was in alle opzichten speciaal voor hem!

Lia van Gool

  • Comments(0)//column.dongenhomespot.nl/#post31

Tante Bertha

NOSTALGIEPosted by Lia van Gool Thu, June 01, 2017 17:02:40

Tante Bertha

Toen een van mijn tantes deze week op bezoek was (oké, ik zeg nu tante, maar zij is maar zes jaar ouder dan ik, dus je kunt je voorstellen, dat de benaming ‘tante’ altijd achterwege blijft), hadden wij het over Tante Bertha. Nee, niet de tante Bertha, die overigens ook maar zes jaar ouder is dan ik, die regelmatig aanschuift bij Hobbyclub De Grijze Duif, maar Tante Bertha van vroeger. Mijn tante en ik weten nog precies hoe Tante Bertha er uit zag. Eigenlijk was het helemaal geen tante. Het was een vriendin van mijn oma. En, zoals dat vroeger ging, zo iemand noemde je tante. Ook herinnerden wij ons Ome Piet nog: een man met een lange neus. Hij liep altijd keurig in een pak en had een ‘kale kop’. Hij rookte sigaren en dat rook je ook aan hem.

Tante Bertha kwam vaak bij oma. Zij kwam dan ‘buurten’ of misschien meer: roddelen. Want iedereen ging wel eens over de tong, zoals dat gaat als goede vriendinnen aan het kletsen zijn. Tante Bertha woonde vroeger in Breda. Zij ging, met haar man en kinderen in Dongen wonen. Niet zover bij mijn oma vandaan en niet zover van de straat waar ik nu woon.

Tante Bertha zag er altijd op en top uit. Haar kleding was piekfijn. Heur haar was prachtig gekapt en zij was altijd helemaal opgemaakt: veel rouge en natuurlijk ook lippenstift; de lippenstift om haar smalle (en ietwat zuinige) mond extra aandacht te geven. Ja, Tante Bertha was, voor haar leeftijd, echt een mooie vrouw. Alleen haar parfum, zo weten mijn tante en ik nog, die was echt verschrikkelijk. “Zij stonk!”, lachte mijn tante afgelopen weekend nog. En dat was ook zo. Maar dat nam niet weg dat mijn oma en Tante Bertha échte vriendinnen waren.

Mijn tante weet zich nog te herinneren dat Tante Bertha altijd heel erg aardig was tegen haar. “Altijd heel vriendelijk en zij maakte altijd een praatje met mij als ze kwam.” En als Tante Bertha kwam, dan dronken mijn oma en zij een kopje thee, met daarbij een koekje. Een frou-froutje of een café noir: echte koekjes van vroeger. En Tante Bertha sopte die koekjes altijd in haar kopje thee, om het koekje (of wat daar van over was) met veel plezier op te eten.

Ik ging vroeger wel eens met mijn ouders op bezoek bij Tante Bertha en Ome Piet. Wat mij is bijgebleven, is dat het altijd een beetje vreemd rook in dat huis. En het was er altijd donker, heel erg donker. Ik vond het er een beetje eng. Mijn tante kwam er ook regelmatig. Zij weet nog dat er, naast het huis van Tante Bertha en Ome Piet, een huis stond met een grote poort. “Daar ging ik spelen met de kinderen die daar woonden.”

Een tijdje terug liepen mijn tante en ik door de straat waar Tante Bertha vroeger woonde. Wij stonden voor haar huis, haalden herinneringen op, moesten lachen…. En net op dat moment kwam de huidige bewoonster van het huis naar buiten. Wij vonden dat echt een vreemd toeval, zagen niet die bewoonster, maar Tante Bertha voor ons. De vrouw snapte niet waarom wij zo moesten lachen. Wij hebben maar verteld, dat er vroeger iemand die wij kenden in dit huis had gewoond. En dat snapte zij. Dat de huidige bewoonster naar buiten kwam was trouwens ook gewoon toeval: zij dacht dat er iemand voor haar deur stond (dat klopte, want dat waren mijn tante en ik) en haar bel deed het niet!

Mijn tante en ik zijn lachend verder gelopen. Wat een leuke dag was dat. Net als afgelopen zondag, toen mijn tante, Hans en ik urenlang op het terras hebben gezeten bij ‘Janssen en Janssen’. Genieten van een drankje, een heerlijke lunch, het mooie weer, maar vooral van elkaar. Met dank aan Tante Bertha! (Zij is de dame op de foto rechts).

Lia van Gool



  • Comments(0)//column.dongenhomespot.nl/#post30
Next »